Hoe de impact van een CO2-gestuurd ventilatiesysteem type C doorrekenen met het EPI-rekenblad?

In gebouwen, zoals woonzorgcentra WZC, die onder een Andere Specifieke Bestemming (ASB) vallen conform de EPB-regelgeving en waar geen E-peil kan voor worden berekend, is één van de duurzaamheidscriteria het toepassen van een volledig mechanisch ventilatiesysteem D met warmteterugwinning (zie criterium 2.4.1.).

Toch kunnen andere ventilatiesystemen zoals een vraaggestuurd ventilatiesysteem C op onderstaande manier via het EPI-rekenblad worden doorgerekend. Wanneer in combinatie met andere maatregelen (zoals isolatie, energiezuinige warmteopwekking, …) een E-peil E80 of lager wordt bekomen, voldoet dit project ook aan de eisen voor het bekomen van subsidies.

Volgend vraaggestuurd systeem C, zoals aangeboden door Renson, wordt verondersteld:

  • De luchttoevoer gebeurt op natuurlijke manier via zelfregelende regelbare toevoeropeningen (RTO’s) klasse P3 of P4. 
  • De lucht wordt mechanisch afgevoerd vanuit de verblijfskamer en/of vanuit de bijhorende sanitaire cel. Deze mechanische luchtafvoer wordt gestuurd in functie van de CO2-concentratie in de kamer. Op die manier wordt ook het toevoerdebiet in de kamer evenredig gecontroleerd. Hoe lager de gewenste maximale CO2-concentratie in de kamer, hoe groter het benodigd ventilatiedebiet.

Het werkelijk benodigd ventilatiedebiet qv om de CO2-concentratie tot een bepaalde waarde te beperken wordt gegeven door:

met:

  • qv,CO2 volumedebiet aan geproduceerde CO2 [m³/s]
    • voor volwassen personen in rust overdag: 0.018 m³/h/persoon (bron: EN14788)
    • voor volwassen personen in rust 's nachts: 0.012 m³/h/persoon (bron: EN14788)
  • [CO2]e,ppmv CO2-gehalte in de buitenlucht = 400 ppm [ppm]
  • [CO2]i,ppmv CO2-gehalte in de binnenlucht [ppm]
    • 1400 ppm in geval van luchtkwaliteitsklasse IDA 3
    • 1000 ppm in geval van luchtkwaliteitsklasse IDA 2

De gemiddelde bezetting in deze kamers bedraagt volgens VIPA:

  • 1.3 personen overdag (8h00 – 20h00) 
  • 1.0 persoon ’ s nachts

Rekening houdend met de aangenomen bezetting, wordt de gemiddelde CO2-productie in de kamer 0.018 m³ CO2/h.

Vervolgens kan het gemiddeld ventilatiedebiet qv in de kamer worden berekend voor een:

Luchtkwaliteitsklasse IDA 3:

Luchtkwaliteitsklasse IDA 2:

VIPA beveelt voor een WZC een ventilatiecapaciteit van 75 m³/h aan in een eenpersoonskamer, wat als referentiedebiet kan gebruikt worden. Dit betekent niet dat er permanent 75 m³/h per kamer moet geventileerd worden. Het werkelijk debiet mag lager liggen afhankelijk van de bezetting of de luchtkwaliteit in de kamer.

Bij het gebruik van een CO2-gestuurd systeem C, bijvoorbeeld, wordt het hygiënisch ventilatiedebiet gereduceerd tot volgende gemiddelde werkingsdebieten (t.o.v. de referentie):

  • 18/75 of 24 % van het ontwerpdebiet in geval van luchtkwaliteitsklasse IDA 3 
  • 30/75 of 40 % van het ontwerpdebiet in geval van luchtkwaliteitsklasse IDA 2.

Deze gereduceerde werkingsdebieten moeten in het EPI-rekenblad bij de ontwerpdebieten (pulsie en extractie) ingegeven worden ten einde vraagsturing correct in rekening te brengen.

Bij vraaggestuurde ventilatie wordt ook het toerental van de ventilator(en) geregeld wat ook in het EPI-rekenblad kan ingegeven worden via een reductiefactor gelijk aan 0.65.

Wanneer de voorziene ventilatiecapaciteit (vb 75 m³/h/kamer) groter is dan het minimaal afvoerdebiet conform de EPB (vb. 22 m³/h/persoon voor IDA3), kan men deze mogelijkheid tot piek of intensieve ventilatie ook in rekening brengen bij het zomercomfort.

Vb. Invoer in het EPI-rekenblad

Stel een WZC met 50 eenpersoonskamers, een gemiddelde vloeroppervlakte van 20 m² per kamer en een geïnstalleerde ventilatiecapaciteit van 75 m³/h/kamer. Het minimaal ventilatiedebiet volgens de EPB (bezetting = 2 personen) bedraagt 44 m³/h/kamer in het geval van IDA3 en 72 m³/h/kamer in het geval van IDA2.

In het geval van een niet-vraaggestuurd ventilatiesysteem C (luchtkwaliteit IDA3) moeten volgende waardes ingevuld worden in het EPI-rekenblad bij de gegevensinvoer onder het deel ventilatie:

regeling van de ventilatoren0.65 of 1
ontwerppulsiedebiet 50 * 75= 3750 m³/h
ontwerpextractiedebiet 50 * 75= 3750 m³/h
minimum toevoerdebiet (= conform EPB)50 * 44= 2200 m³/h
piekventilatiedebiet (zomer)50 * 75= 3750 m³/h

In het geval van een CO2-gestuurd ventilatiesysteem C (luchtkwaliteit IDA3) moeten volgende waardes ingevuld worden in het EPI-rekenblad bij de gegevensinvoer onder het deel ventilatie:

regeling van de ventilatoren0.65
ontwerppulsiedebiet 0,24 * 50 * 75= 900 m³/h
ontwerpextractiedebiet 0,24 * 50 * 75= 900 m³/h
minimum toevoerdebiet (= conform EPB)50 * 44= 2200 m³/h
piekventilatiedebiet (zomer)50 * 75= 3750 m³/h

In het geval van een CO2-gestuurd ventilatiesysteem C (luchtkwaliteit IDA2) moeten volgende waardes ingevuld worden in het EPI-rekenblad bij de gegevensinvoer onder het deel ventilatie:

regeling van de ventilatoren0.65
ontwerppulsiedebiet 0,40 * 50 * 75= 1500 m³/h
ontwerpextractiedebiet 0,40 * 50 * 75= 1500 m³/h
minimum toevoerdebiet (= conform EPB)50 * 72= 3600 m³/h
piekventilatiedebiet (zomer)50 * 75= 3750 m³/h

Contacteer Renson voor ondersteuning bij concrete plannen om een CO2-gestuurd Renson ventilatiesysteem toe te passen in de woonzorgsector.

created by anaXis NV